De Textielarbeiderscentrale van België (TACB)

Ontdek het verhaal achter de Textielarbeiderscentrale van België (TACB), een cruciale instelling in de geschiedenis van de Belgische textielindustrie en arbeidersbeweging. Leer meer over haar oorsprong, evolutie en de architectonische visie die haar vormgaf.

Een blik op de oorsprong van de TACB

De Textielarbeiderscentrale van België, oorspronkelijk bekend als de Landelijke Textielarbeidersbond van België van 1898 tot 1908, was een cruciale vakcentrale binnen het Belgisch Vakverbond en later het ABVV. Dit project, mede verder uitgebouwd door Alfons Segier, is een testament van de arbeidersbeweging en een monument van sociale strijd en solidariteit.

Van landelijke bond tot centrale

In 1898 werd de Landelijke Textielarbeidersbond van België opgericht, die vanaf de start deel uitmaakte van de ‘Syndikale Kommissie van de Belgische Werkliedenpartij’ (BWP). Een keerpunt vond plaats in 1907 met de aansluiting van de autonome, eerder anarchistisch georiënteerde, Vervierse textielfederatie. Dit leidde tot een naamsverandering in 1908 naar de Textielarbeiderscentrale van België. Terwijl de Vlaamse federatie zich concentreerde rond de vlas- en katoenfabrieken van Gent en omliggende provinciesteden, was de Vervierse federatie actief in de wolbewerking. Deze fusie versterkte de organisatie aanzienlijk.

Na de Eerste Wereldoorlog gingen beide federaties opnieuw hun eigen weg en het zou duren tot 1935, onder impuls van Alfons Segier, dat de Vervierse federatie zich opnieuw aansloot bij de landelijke bond. Vanaf 1946 sloot het Eenheidssyndicaat van Textielarbeiders zich aan en in februari 1947 het Eenheidssyndicaat der kleding.

Vakbondsvlag van de 'Textielbond - Gent ' opgericht in 1858

Vakbondsvlag van de 'Broederlyke Maetschappy der Wevers van Gent' opgericht in 1858

Vakbondsvlag van de 'Centrale der Belgische Textielbewerkers en Bewerksters afdeeling Kortryk' opgericht in 1892

De erfenis van de TACB en haar 'architect'

De TACB vertegenwoordigt een indrukwekkend stuk Belgische sociale geschiedenis. Alfons Segier, 'architect' van de Textielarbeiderscentrale van België, heeft met zijn 'ontwerp' een blijvende impact achtergelaten. Het is een leerrijk voorbeeld van hoe vakbonden zich ontwikkelden en welke rol ze speelden in de maatschappij. 

Alfons Segier heeft als Algemeen Secretaris een grote stempel gedrukt op de TACB. Zijn benoeming kwam op een cruciaal moment. De economische crisis van de jaren dertig had de textielsector zwaar getroffen. Werkloosheid steeg, lonen daalden en de verdeeldheid tussen Gent en Verviers verzwakte de slagkracht van de vakbond. Segier wist als geen ander dat een sterke gecentraliseerde organisatie de enige weg vooruit was. De grootste uitdaging lag in Verviers. Daar heerste een traditie van onafhankelijkheid en wantrouwen tegenover centralisatie. In 1934 organiseerde de Vervierse textielarbeiders een grote staking die echter mislukte. Voor Segier was dit het kantelpunt. Hij greep de gelegenheid aan om te pleiten voor samenwerking. Met diplomatie, geduld en een duidelijke visie overtuigde hij de Vervierse federatie om zich opnieuw aan te sluiten bij de Nationale Centrale. In 1935 werd de fusie een feit: voor het eerst in de geschiedenis was de TACB een echte nationale vakbond. Deze stap was meer dan symbolisch. Het betekende dat de textielarbeiders voortaan met één stem konden spreken in onderhandelingen met werkgevers en overheid. Segier had de fundamenten gelegd voor een sterke organisatie die de stormen van de komende decennia zou doorstaan. Het is de grote verdienste van die man de eenmaking van de socialistische vakbond te hebben verwezenlijkt. Toch behoort hij tot de figuren die opvielen door hun autoritarisme waaraan de jonge socialistische beweging rijk is - zoals Vader Anseele en Louis Major. Alfons Segier 'leidde de Centrale met autoritaire hand'. In het uitvoerend comité decreteerde hij naar aanleiding van protest van sommige leden: 'De werkers moeten zich schikken naar hetgeen wij hun gevraagd hebben'. Segier was een 'organisatie-maniak'. Volgens hem kon alleen een goede organisatiestructuur uitkomst brengen. De textielarbeidersorganisatie werd onder zijn leiding in de jaren dertig een goed geoliede, gedisciplineerde massabeweging die werd bestuurd vanuit het in 1935 in gebruik genomen 'Textielhuis' in Gent, gelegen in de Keizer Karelstraat 60. Alfons  begreep dat een moderne vakbond meer moest zijn dan een actiegroep. Onder zijn leiding werd de TACB geprofessionaliseerd. Hij richtte commissies op voor werkloosheidsuitkeringen, sociale fondsen en technische bijstand. Er kwamen studiediensten die statistieken verzamelden en analyses maakten om beter voorbereid te zijn op onderhandelingen.  Ook communicatie kreeg aandacht: interne bulletins en pamfletten informeerden leden over hun rechten en plichten en over de strategie van de bond. Segier stond in 1940 mee aan de doopvont van het eenheidssyndicaat: 'De Unie van Hand- en Geestesarbeiders' (UHGA). Vlug bleek dat de Unie een werktuig werd in de handen van de bezetter en zijn aanhangers, waarna Segier zich terugtrok. Wanneer Segier zich na de oorlog voor het bureau van het Belgisch Vakverbond (BVV) moest verantwoorden voor zijn houding tijdens de bezetting, nam Louis Major zijn verdediging waar: "Hij stelde dat wanneer het bureau van het BVV alle UHGA-leden in Vlaanderen wou uitsluiten, 'tous les militants de la Centrale du Textile doivent être éliminés'. Segier werd uiteindelijk geweerd als lid van het bureau van het Belgisch Vakverbond. Belangrijker dan zijn oorlogsavonturen was de figuur van Segier als type-figuur van een autoritaire vakbondsleider, die zijn stempel drukte op de organisatie én op de wijze waarop vakbondsactie werd bedreven. In juli 1949 werd hij als één van de vijf leden van een nieuwe Raad van Bestuur van de Internationale Textielarbeidersfederatie verkozen tijdens het Internationale Textielarbeiderscongres in Amsterdam. Op 20 januari 1950 werd de eerste bijeenkomst gehouden in Gent. In 1951 ging Alfons Segier met pensioen. Hij liet een vakbond achter die sterker was dan ooit. Zijn opvolger, Alfons Baeyens, bouwde verder op de fundamenten die Segier had gelegd. De TACB zou nog decennia lang een belangrijke rol spelen, tot ze in 1994 fuseerde met andere sectoren tot ABVV Textiel, Kleding en Diamant.

Deze pagina is een eerbetoon aan de mensen en de beweging die het leven van vele textielarbeiders verbeterden.

Officiële hoofding van het briefpapier van de TACB 

Algemeen secretaris Alfons Segier leidde de Centrale met autoritaire hand en was een "organisatie-maniak". Volgens hem kon alleen een goede organisatiestructuur uitkomst brengen. In het uitvoerend comité decreteerde hij naar aanleiding van protest van sommige leden:

"De werkers moeten zich schikken naar hetgeen wij hun gevraagd hebben!" 

~ Alfons Segier ~

 

uit: 'Vereenigd zijn we alles, onvereenigd zijn we niets'

Bart De Wilde

100 jaar SOCIALISTISCHE TEXTIELSYNDICALISME

1898 - 1998